Op onze helpdesk en tijdens onze juridische opleidingen komt regelmatig de afbakening tussen de Wmo 2015 en de Wlz aan de orde. Verstrekt de gemeente de benodigde ondersteuning vanuit de Wmo 2015, of gaat de Wlz voor? En wat als de cliënt weigert een Wlz-indicatie aan te vragen?

In deze Vraag & antwoord sta ik stil bij meerdere vragen over dit onderwerp.

Hoe bepaalt de gemeente of ondersteuning onder de Wmo 2015 of de Wlz valt?

De Wlz is voor mensen die blijvend zijn aangewezen op permanent toezicht of 24-uurs zorg.[1] Het Centrum Indicatiestelling Zorg (hierna: CIZ) stelt de Wlz-indicatie. De zorgkantoren voeren de Wlz uit.

De gemeente kan een maatwerkvoorziening weigeren als de cliënt een Wlz-indicatie heeft. Dit kan ook als duidelijk is dat de cliënt voldoet aan de Wlz-voorwaarden, maar weigert een Wlz-indicatie aan te vragen.[2] Bijvoorbeeld vanwege de hogere eigen bijdrage die de cliënt onder de Wlz verschuldigd is. Op het eerste oog een duidelijke afbakening. Maar het is soms complexer dan het lijkt.

Is de gemeente toch bevoegd om een Wmo-maatwerkvoorziening te verstrekken?

Ja, de gemeente is wel bevoegd om een Wmo-maatwerkvoorziening toe te kennen, ondanks de aanwezige Wlz-indicatie. Een bevoegdheid om te weigeren is namelijk geen verplichting om dit te doen. Daarom moet de gemeente altijd goed onderzoeken welke ondersteuning de cliënt nodig heeft en motiveren of zij gebruik maakt van de bevoegdheid om een Wmo-maatwerkvoorziening te weigeren. Aanvullende Wmo-ondersteuning kan noodzakelijk zijn voor de zelfredzaamheid of participatie van de cliënt.[3]

In de meeste gevallen biedt de Wlz-indicatie de benodigde ondersteuning. Zo is bijvoorbeeld persoonlijke verzorging inbegrepen in de Wlz-indicatie, waardoor de gemeente niet verantwoordelijk is voor verstrekking van een spoel-föhninstallatie. Maar de Wlz-ondersteuning is niet altijd helemaal dekkend. Zo is Wlz-begeleiding bij incidentele uitstapjes mogelijk, maar de focus ligt in de Wlz niet op maatschappelijke participatie. Mogelijk moet op dit vlak dus een tekort worden opgelost vanuit de Wmo 2015.

“De grens tussen de Wmo 2015 en de Wlz lijkt op papier helder, maar is niet altijd even duidelijk.”

Zijn er uitzonderingen op de hoofdregel dat de Wlz voorgaat?

Ja, ondanks een Wlz-indicatie is de Wmo 2015 toch verantwoordelijk voor:

Wat kan de gemeente doen als er nog geen Wlz-indicatie is?

Bestaat ‘alleen’ het vermoeden dat een cliënt eigenlijk onder de Wlz valt? Dan is de indicatie dus (nog) niet aanwezig en biedt artikel 2.3.5 lid 6 Wmo 2015 geen ruimte om ondersteuning vanuit de Wmo 2015 af te wijzen. De gemeente kan natuurlijk wel aangeven dat de cliënt een Wlz-indicatie moet aanvragen. Tijdens die aanvraag zal het nodig zijn om (tijdelijk) Wmo-ondersteuning te geven.

Weigert een cliënt een Wlz-indicatie aan te vragen? Dan moet de gemeente zelf onderzoeken of de cliënt voldoet aan de Wlz-voorwaarden uit artikel 3.2.1 lid 1 Wlz. Vaak is een medisch advies nodig om tot die conclusie te kunnen komen. Blijkt uit het onderzoek dat de cliënt Wlz-zorg zou moeten krijgen, dan mag de gemeente de Wmo-ondersteuning weigeren. De gemeente kan daarnaast altijd even anoniem afstemmen met het CIZ over de casus.

Zijn er wijzigingen op komst die de uitvoering voor gemeenten verbeteren?

Ja, onlangs zijn twee wetsvoorstellen aangenomen die de uitvoering verbeteren voor gemeenten. Het gaat om de Verzamelwet gegevensverwerking VWS II.b en de Wijziging van de Wet langdurige zorg i.v.m. de aanvraag van een Wlz-indicatie door familie.

Bied snelle passende hulp met Schulinck AI-Desk Wmo

De grens tussen de Wmo 2015 en de Wlz is niet altijd even duidelijk. Met Schulinck AI-Desk Wmo vraag je op basis van jouw huidige casus welke wet van toepassing is en ontvang je direct een juridisch correct antwoord. Probeer het zelf 1 maand gratis!

Wat verandert er in de gegevensuitwisseling over Wlz-indicaties?

Voor gemeenten is het niet altijd duidelijk of een cliënt een Wlz-indicatie heeft. In de meeste gevallen blijkt dit tijdens het gesprek met de cliënt, maar dat is niet altijd het geval. In de Wmo 2015 staat dan ook dat het CIZ uit eigen beweging en op verzoek moet laten weten dat een Wlz-indicatie is afgegeven.[4] De gemeente kan ook de Wlz-registertoets raadplegen. De gemeente komt alleen te weten of er op dat moment een Wlz-indicatie is. Niet wat de inhoud van de indicatie is.

De Eerste Kamer is nu akkoord met de Verzamelwet gegevensverwerking VWS II.b. Hierdoor krijgen gemeenten straks van het zorgkantoor meer gegevens over de Wlz-indicatie van de cliënt, namelijk:

  • De leveringsvorm van de zorg
  • De ingangsdatum van de Wlz-indicatie
  • De beëindigingsdatum van de Wlz-indicatie

Het delen van deze gegevens mag alleen als ze noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de Wmo 2015. Voor gemeenten is dan inzichtelijk of cliënten ook een Wlz-indicatie hebben waar vanuit zij bepaalde voorzieningen kunnen krijgen. Zo worden dubbele verstrekkingen zo veel mogelijk voorkomen.

Op korte termijn wordt duidelijk wanneer deze wetswijziging precies in werking treedt.

Wat betekent de mogelijkheid van een Wlz-aanvraag door familie en welke impact heeft dit op de Wmo 2015?

Het kan zijn dat een cliënt met een Wlz-behoefte zelf geen aanvraag kan indienen. Bijvoorbeeld door toenemende dementie of een verstandelijke beperking. Soms is er een mentor, curator of gemachtigde die de aanvraag dan kan doen. Als deze niet aanwezig is, dan moet die eerst worden geregeld. Helaas is het krijgen van toegang tot Wlz-zorg dan een tijdrovend proces. In de tussentijd moet de gemeente waar nodig Wmo-ondersteuning bieden.

Vanaf 1 januari 2027 mag ook familie een Wlz-indicatie aanvragen. Eerst mag de partner of andere levensgezel een aanvraag indienen. Als die er niet is of niets doet, kunnen ook ouders, kinderen, broers, zussen, grootouders of kleinkinderen dit oppakken.

De verwachting is dat gemeenten hierdoor korter intensieve Wmo-zorg hoeven te bieden, omdat de Wlz-zorg sneller kan starten.

 

[1] Artikel 3.2.1 lid 1 Wlz

[2] Artikel 2.3.5 lid 6 Wmo 2015

[3] CRvB 19-12-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:3933, CRvB 19-12-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:4226 en CRvB 19-12-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:4305

[4] Artikel 5.2.5 lid 3 Wmo 2015

De rest van dit artikel is alleen beschikbaar voor geregistreerde gebruikers.