Over pgb’s voor het sociaal netwerk is al veel gezegd en geschreven. Zeker sinds de CRvB zich uitsprak over het tarief dat daarvoor moet worden gebruikt. Eerst bepaalde de CRvB dat het pgb-tarief voor het sociaal netwerk minimaal moest aansluiten bij de uurlonen uit de geldende cao VVT (ECLI:NL:CRVB:2023:1394). Later kwam de CRvB hierop terug en oordeelde dat het wettelijk minimumloon als tarief óók voldoende is (ECLI:NL:CRVB:2025:1380 en ECLI:NL:CRVB:2025:1276).

Opvallend genoeg blijft bij de bespreking van de pgb’s voor het sociaal netwerk één mogelijkheid vaak onderbelicht: de symbolische tegemoetkoming. Hoog tijd dus om deze regeling, die niet alleen onder de Wmo 2015 maar ook onder de Jeugdwet geldt, onder de aandacht te brengen.

Vergoedingen voor sociaal netwerk

Ondersteuning vanuit het sociaal netwerk kan op verschillende manieren worden vormgegeven. Zodra iemand uit het netwerk aangeeft dat hij alleen ondersteuning wil bieden als daar een vergoeding tegenover staat, valt deze vorm van hulp onder het pgb.

Betekent dit dan dat zorgverleners uit het sociaal netwerk buiten het pgb helemaal geen vergoeding kunnen krijgen? Nee, zeker niet. Zo is er de mogelijkheid om in de gemeentelijke verordening op te nemen hoe mantelzorgers een blijk van waardering kunnen krijgen (artikel 2.1.6 Wmo 2015).

Maar sinds 1 mei 2019 is er nóg een alternatief die in de gemeentelijke verordening kan worden opgenomen: de symbolische tegemoetkoming (Artikel 2ab Uitvoeringsregeling Wmo 2015 of artikel 8ab Regeling Jeugdwet).

Deze tegemoetkoming is een aantrekkelijk alternatief voor bijvoorbeeld mensen die geen zin hebben in de administratieve rompslomp die bij een pgb komt kijken en geen zorgovereenkomst willen aangaan. Het gaat om een bedrag (tegemoetkoming) van maximaal € 141,- per kalendermaand. Ook kan het college een tegemoetkoming per kalendermaand vaststellen voor schoonmaakmiddelen, levensmiddelen, kleding en reiskosten.

De symbolische tegemoetkoming is een aantrekkelijk alternatief voor zorgverleners uit het sociaal netwerk die geen zin hebben in de administratieve rompslomp die bij een pgb en een zorgovereenkomst komt kijken.

Een voorbeeld
Mevrouw Van Dijk (78) woont zelfstandig en ontvangt een maatwerkvoorziening voor huishoudelijke ondersteuning. Ze heeft lichte fysieke beperkingen waardoor stofzuigen en zwaarder schoonmaakwerk niet meer lukken. Er is structurele ondersteuning nodig.

De dochter, Lianne (52), helpt al langere tijd vrijwillig met een aantal kleine huishoudelijke taken: even de badkamer schoonmaken, vuilnis buiten zetten en zo nu en dan boodschappen meenemen. Ze geeft aan: “Ik wil dit best blijven doen, maar ik hoef geen formele baan of ingewikkelde pgb-constructie. Maar ik wil wel een vergoeding.” Ze vindt de pgb-constructie te belastend.

Mevrouw Van Dijk en Lianne kiezen voor de symbolische tegemoetkoming van € 141 per maand. Dit past bij de behoefte van de cliënt en de zorgverlener.

De symbolische tegemoetkoming

De symbolische tegemoetkoming is, zoals hiervoor aangegeven, bedoeld voor ondersteuning die vanuit het sociaal netwerk wordt gegeven. Daarmee wordt de ondersteuning bedoeld die niet beroeps- of bedrijfsmatig wordt verleend en waaraan geen arbeidsrechtelijke dienstbetrekking ten grondslag ligt (artikel 2 lid b Uitvoeringsregeling Wmo 2015 en artikel 8 lid b Jeugdwet).

De zorgverlener uit het sociaal netwerk kan dus, als deze mogelijkheid in de verordening is opgenomen, kiezen tussen een pgb of een symbolische tegemoetkoming. Dat deze keuze er is en dat de tegemoetkoming veel voordelen met zich meebrengt ten opzichte van een pgb wordt vaak over het hoofd gezien.

De cliënt heeft dan de keuze tussen:

  • een pgb op basis van een pgb-overeenkomst waarmee tenminste het wettelijk minimumloon wordt betaald, of
  • een maandelijkse tegemoetkoming op basis van een verklaring waaruit de tegemoetkoming wordt betaald.

Er kan niet tegelijk een pgb én een symbolische tegemoetkoming worden verstrekt (artikel 2ab lid 2 Uitvoeringsregeling Wmo 2015).

 

Let op: tekst loopt door onder afbeelding.

Schulinck Wmo en Schulinck Jeugd

Wolters Kluwer biedt met de online kennisbanken een unieke combinatie van het landelijk beleid en uw gemeentelijk beleid.

Voordelen symbolische tegemoetkoming

De symbolische tegemoetkoming kan een prima alternatief zijn voor een pgb als er ondersteuning vanuit het sociaal netwerk verleend wordt en biedt veel voordelen. Om terug te komen op het eerdere voorbeeld, de tegemoetkoming pakt voor iedereen goed uit.

Lianne voelt zich oprecht gewaardeerd voor de hulp die zij al bood. Ze hoeft geen ingewikkeld pgb‑traject aan te gaan. Ze heeft dus ook niet de administratie, verantwoording en formele verplichtingen die daarbij horen. Voor haar is een kleine tegemoetkoming meer dan voldoende; ze is niet op zoek naar loon of een formele arbeidsovereenkomst, maar gewoon naar een manier om haar inzet kostendekkend en prettig vol te houden.

Voor mevrouw Van Dijk levert deze keuze vooral rust en continuïteit op. Ze hoeft niet te wachten op een thuiszorgaanbieder of zich zorgen te maken over wachtlijsten; haar dochter kan haar gewoon blijven helpen. Het budget wordt bovendien eenvoudig uitgekeerd via de SVB op basis van door de SVB verstrekte declaratieformulieren.

Ook voor de gemeente werkt deze oplossing goed. Ze kan een lichte, passende vorm van ondersteuning inzetten die volledig past binnen de verordening en wettelijke kaders. Bovendien scheelt de symbolische tegemoetkoming in kosten: het verschil tussen de minimumloontarieven en de tegemoetkoming is, zeker bij ondersteuning van geringe omvang, vaak niet groot. Maar het voorkomt wel dat er een volledig pgb-traject wordt opgetuigd. Zo ontstaat een praktische, werkbare oplossing die past bij wat mensen in de praktijk vaak willen: geen administratieve rompslomp, maar een eenvoudige, waarderende en laagdrempelige manier om inzet vanuit het sociaal netwerk mogelijk te maken.