-
Wat is juridisch een Wmo-melding?
Elke uiting aan de gemeente waaruit blijkt dat iemand behoefte heeft aan maatschappelijke ondersteuning, is een melding.
Vormvrij
Deze melding is vormvrij. Dat betekent dat een inwoner op alle mogelijke manieren een melding kan doen; mondeling, telefonisch, schriftelijk en digitaal. Een gemeente mag deze mogelijkheden niet beperken. Een formulier op de website kan een eenvoudige manier zijn, maar de gemeente mag het melden niet beperken tot die ene mogelijkheid. Het is juist de bedoeling dat inwoners zo laagdrempelig mogelijk kunnen melden.
De gemeente kan ook regelen dat inwoners ergens anders dan bij de gemeente zelf een melding kunnen doen. Bijvoorbeeld bij een zorgaanbieder of bij een wijkteam.
Melding of aanvraag
Een melding is overigens ook een melding, als een inwoner het zelf een aanvraag noemt. Niet de naam die iemand eraan geeft, maar de wet bepaalt of het een melding of een aanvraag is.
Melding of vraag
Overigens hoeft een melding niet specifiek te zijn. Een uiting als: “Ik red het thuis niet meer” of “Door mijn gezondheid lukt van alles niet meer” kan dus een melding zijn. Uit de context moet dan wel blijken dat de inwoner ondersteuning zoekt bij zelfredzaamheid en participatie, of beschermd wonen of opvang. De concrete benodigde ondersteuning, bijvoorbeeld huishoudelijke hulp, begeleiding of een vervoersvoorziening, is pas onderwerp van het onderzoek.
Een algemene vraag zonder aanknopingspunt voor een behoefte aan maatschappelijke ondersteuning hoeft niet als melding te worden genoteerd. Bijvoorbeeld: “Welke Wmo-voorzieningen bestaan er?” of “Wat kost een scootmobiel?” De gemeente kan dan informatie geven en zo nodig vragen of de inwoner ondersteuning nodig heeft. Zo ja, dan is pas sprake van een melding.
Ook vragen over een algemene voorziening hoeven geen melding te zijn. Denk aan vragen over het telefoonnummer voor de was- en strijkservice, of de mogelijkheden om bij een woonkamer in de wijk binnen te lopen.
Verborgen meldingen
Tenslotte moet je als gemeente alert zijn, want soms zitten meldingen verstopt. Een klacht over een zorgaanbieder kan een melding zijn. Een mededeling tijdens een zitting bij de rechtbank dat een toegekende scootmobiel kapot is, is een melding. Een vermelding in een bezwaarschrift dat de beperkingen inmiddels zijn toegenomen en meer ondersteuning nodig is, is een melding.
-
Kan iemand ook een melding doen namens een ander?
Ja, als die ander daadwerkelijk de wil heeft een hulpvraag te doen.
Artikel 2.3.2 Wmo 2015 zegt dat ook namens iemand een melding kan worden gedaan. Er zijn geen beperkingen aan wie dat kan doen. Een ouder of kind, een vriend, een buurvrouw, een zorgaanbieder, maar zelfs in voorkomende gevallen een ambulancemedewerker.
Er is wel één voorwaarde: de melding moet namens iemand worden gedaan. Stel dat Marietje een melding doet voor Stan. Stan moet dan wel zelf willen dat de gemeente op de hoogte is van zijn behoefte aan ondersteuning.
Bij een dergelijke melding moet de gemeente nagaan of, in dit geval, Stan de melding ook echt wil (laten) doen. Soms zien anderen een ondersteuningsbehoefte, terwijl diegene zelf geen hulpvraag ervaart. Ondersteuning kun je niet opdringen. Blijkt Marietje tegen de wil van Stan een signaal af te hebben gegeven bij de gemeente, dan is het dus geen melding, zoals bedoeld in de Wmo 2015.
Schulinck AI-Desk Wmo
Een Wmo-melding is slechts het begin van een Wmo-traject. Hoe fijn is het als je jouw vragen over een dossier ieder moment kunt stellen, zodat je direct door kunt? Met Schulinck AI-Desk Wmo wordt dit een realiteit. Probeer het zelf 1 maand gratis!
-
Wanneer is een Wmo-melding ontvangen?
Een melding is ontvangen zodra zij bij het college of bij een door de gemeente aangewezen toegang binnenkomt.
Een gemeente mag zelf bepalen waar inwoners een Wmo-melding kunnen doen. Dat kan bij een Wmo-loket, een wijkteam of een andere gemeentelijke toegang. De gemeente mag ook een andere organisatie aanwijzen voor de Wmo-toegang.
De gemeente moet de melding registreren en ervoor zorgen dat zij bij de juiste medewerker terecht komt. Van interne doorgeleiding mag een inwoner geen nadeel ondervinden. Komt de melding pas later bij de Wmo-consulent terecht, dan leidt die vertraging niet tot een langere termijn voor de gemeente.
-
Wat moet de gemeente na de melding doen?
Meest logische antwoord op deze vraag is natuurlijk: onderzoek doen. Maar er zijn wat dingen die eerst nog moeten gebeuren.
- De gemeente moet allereerst de ontvangst van de melding bevestigen. Artikel 2.3.2 lid 1 Wmo 2015 bepaalt dat uitdrukkelijk. In de bevestiging moet de datum van de melding staan. Deze bepaalt immers wanneer de 6 weken voor het onderzoek aflopen.
De bevestiging kan op allerlei manieren, maar schriftelijk of via mail lijken het meest voor de hand te liggen.
- De gemeente moet namelijk de inwoner informeren over de mogelijkheid een cliëntondersteuner in te schakelen.
- Daarnaast moet zij de inwoner erop wijzen dat binnen 7 dagen na de melding een persoonlijk plan kan worden ingediend.
Tot zover de verplichtingen direct na de melding. Het is uiteraard prettig als de gemeente in de bevestiging ook aangeeft wat de vervolgstappen zijn, wanneer de inwoner weer iets hoort en bij wie hij of zij terechtkan met vragen.
-
Kan een inwoner de gemeente in gebreke stellen in de periode van het onderzoek na de melding?
Nee, dat kan niet, in gebreke stellen kan pas na de aanvraag.
Na de melding heeft de gemeente zes weken voor het onderzoek. Na het onderzoek, of na die 6 weken, kan een inwoner een aanvraag indienen. De gemeente moet dan binnen twee weken een besluit nemen. Gebeurt dat niet, dan kan de inwoner de gemeente pas in gebreke stellen. De gemeente heeft dan nog twee weken de tijd. Is er ook dan geen besluit, dan verbeurt de gemeente een dwangsom.
Uiteraard kan de gemeente een inwoner wel vragen akkoord te gaan met verlenging van de termijnen, bijvoorbeeld bij medisch onderzoek of wachtlijsten. Maar ook dan kan geen sprake zijn van ingebrekestelling tussen melding en aanvraag.