In de praktijk wordt er regelmatig een persoonsgebonden budget (pgb) verstrekt waarbij een ouder het beheer (namens het kind) op zich neemt en daarnaast zelf de hulp aan het kind gaat verlenen. De ouder is dan zowel de beheerder als de hulpverlener. Tot op heden zagen wij geen belemmeringen in deze dubbelrol. De Jeugdwet maakt het immers zowel uitdrukkelijk mogelijk dat ouders het pgb namens hun kind beheren en anderzijds hulp aan hun kind bieden. Een uitspraak van de Centrale Raad voor Beroep (CRvB) in het kader van de Wmo 2015 heeft er toe geleid dat we onszelf nog een keer de vraag hebben gesteld of deze dubbelrol inderdaad wel toegestaan is (zou moeten zijn).

Uitspraak CRvB

De CRvB heeft zich op 27 november 2019 in het kader van de Wmo 2015 over de vraag gebogen of het toegestaan is dat de beoogde zorgverlener ook de beheerstaken van het pgb (waarmee hij dus betaald zou worden) mag vervullen. De CRvB oordeelt dat een dubbelrol niet toegestaan is, omdat de zorgverlener niet in staat zal zijn met voldoende afstand en kritisch de beheerstaken uit te voeren. De CRvB verwijst hiervoor naar de wetsgeschiedenis waaruit blijkt dat degene die het pgb beheert in staat moet zijn overeenkomsten met de beoogde hulpverlener te sluiten en deze hulpverlener aan moet kunnen sturen en spreken op zijn verplichtingen. Volgens de CRvB is de hulpverlener niet in staat om deze taken voor zijn eigen handelen uit te voeren.

Nog los van bovenstaande argumentatie van de CRvB is dit oordeel vanzelfsprekend als het om een professioneel zorgverlener gaat (zoals in deze casus het geval lijkt te zijn). In de Wmo 2015 is namelijk beschreven dat alleen een persoon uit het sociaal netwerk of een vertegenwoordiger van de cliënt de beheerstaken namens de cliënt mag uitvoeren. Een aanbieder/professionele zorgverlener wordt niet genoemd. Alleen om die reden zou al geoordeeld kunnen worden dat een professionele zorgverlener de pgb-beheerder niet mag zijn. Voor de Jeugdwet kunnen we tot dezelfde conclusie komen. Hoewel de groep personen die de beheerstaken namens de jeugdige mogen uitvoeren groter is dan in de Wmo 2015, wordt ook in dit kader de professionele zorgverlener (niet zijnde een aanbieder voor gesloten jeugdhulp) niet genoemd. Dat betekent dus dat we al uit de beide wetten kunnen afleiden dat het niet is toegestaan dat de professionele zorgverlener de beheerstaken van het pgb voor de jeugdige of cliënt uitvoert.

Is de dubbelrol wel toegestaan bij een ouder?

Zoals ik hiervoor aangaf koos de CRvB dus niet voor een grammaticale benadering bij de vraag of een zorgverlener ook de beheerstaken mag uitvoeren. En dat roept de vraag op wat deze uitspraak betekent voor personen uit het sociale netwerk. Als we nog eens kijken naar de argumentatie in de uitspraak oordeelt de CRvB dus dat een zorgverlener niet enerzijds hulp kan verlenen en anderzijds zijn eigen handelen kan controleren. Ik lees hierin dat de CRvB van oordeel is dat het beheer van het pgb aan de ene kant en het verlenen van de hulp aan de andere kant niet door dezelfde persoon kan worden uitgevoerd. Op zich ook een logisch standpunt, want hoe kun je je eigen facturen bijvoorbeeld op een objectieve manier beoordelen?

Deze visie heeft echter wel (vergaande) consequenties. Ook personen uit het sociaal netwerk kunnen de beheerstaken immers niet met voldoende afstand en kritisch uitvoeren als ze zelf de hulp verlenen. Wat mij betreft kunnen gemeenten op basis van deze argumentatie een pgb dus weigeren als bijvoorbeeld de moeder het pgb zal beheren en met dat pgb zichzelf wil inkopen.

Wat als moeder het pgb beheert en vader de hulp biedt?

Ingewikkelder wordt het als de moeder het pgb zal beheren, maar zij niet zelf, maar bijvoorbeeld de vader de hulp zal verlenen. Op het eerste oog zou je kunnen zeggen dat de relatie tussen de ouders ook maakt dat de moeder niet in staat is om het handelen van de vader met voldoende afstand en kritisch te kunnen beoordelen. Maar is deze uitsluiting ook wel in lijn met de bedoeling van de wetgever?

Een pgb mag geweigerd worden als het pgb beheerd wordt door degene die de hulp ook zelf gaat bieden

In de Jeugdwet (en de Wmo 2015) is het immers juridisch mogelijk dat de jeugdige (of cliënt) zelf het pgb beheert en daarmee een persoon uit het sociaal netwerk inkoopt. Dit volgt expliciet uit de wet. In deze situatie zal de onderlinge relatie het objectief uitvoeren van de beheerstaken moeilijk (of zelfs onmogelijk) maken. Net zoals in het voorbeeld waarbij een moeder het pgb beheert en de vader de hulp verleent. Toch heeft de wetgever er voor gekozen om deze constructie toe te staan. En op basis daarvan denk ik dat de CRvB niet zal ‘verbieden’ dat het pgb beheert wordt door iemand die een persoonlijke relatie heeft met de informele zorgverlener.

Conclusie

Kortom naar mijn mening mag een pgb geweigerd worden als het pgb beheerd gaat worden door degene die de hulp ook zelf gaat bieden. Een pgb dat beheert zal worden door een ander dan degene die de hulp gaat bieden (ongeacht de onderlinge relatie) mag niet om die reden geweigerd worden. Dit is alleen anders als een professionele zorgverlener het pgb zou gaan beheren, want dat is immers nooit toegestaan.