Op de juridische helpdesk ontvingen we een vraag over een bijstandsgerechtigde die zijn eigen sociale media kanalen gebruikt om reclame te maken voor bedrijven en in ruil daarvoor producten ontvangt. Men zou dit het werk van een influencer mogen noemen. Stel de influencer plaatst een aantal berichten over een nieuwe jeans op Instagram. In ruil daarvoor mag hij de jeans houden. Kan dit leiden tot het korten van de uitkering?

Beïnvloeden

Wat doet een influencer? Een influencer probeert via sociale media potentiële klanten te beïnvloeden om een product te kopen. Dit gebeurt via sociale media kanalen zoals Twitter, Instagram en YouTube. Volgers kunnen het gevoel hebben de influencer te kennen. Als zo’n influencer een product gebruikt in een foto of video, dan zijn zijn volgers geneigd te geloven dat het een goed product is. Er zijn natuurlijk wereldberoemde mensen die dit doen, maar die zullen doorgaans niet een bijstandsuitkering ontvangen. Ook op kleinere schaal komt beïnvloeden voor. Bedrijven betalen een influencer direct of geven de influencer kosteloos de te promoten producten.

Inkomsten fictief korten?

Afgevraagd kan worden of de werkzaamheden als influencer op geld waardeerbaar zijn en of er een fictief inkomen in aanmerking zou kunnen worden genomen. In dat geval zou het college de hoogte van het inkomen kunnen schatten. Bijvoorbeeld het aantal uren dat arbeid is verricht in aanmerking nemen en daarover het wettelijk minimumloon rekenen. Dit is in de bijstand gebruikelijk als bijvoorbeeld een bijstandsgerechtigde werkt in het bedrijf van een familielid maar daar niet of nauwelijks een beloning voor krijgt.
Ik meen dat het fictief korten van inkomsten bij een influencer niet voor de hand ligt. Voor het in aanmerking nemen van een fictief inkomen zou ruimte kunnen zijn als vaststaat dat de influencer aanspraak heeft op een bepaalde beloning maar hij deze niet krijgt. Dat is hier niet het geval aangezien juist is overeengekomen een product te krijgen. Ook kan fictief inkomen in aanmerking worden genomen als tegenover het verrichten van arbeid geen of een lage beloning staat dat van reële betaling voor die arbeid geen sprake is. Dat is hier mijns inziens niet het geval. Het posten van een bericht op sociale media zal doorgaans niet gigantisch veel tijd kosten. Ik besef me dat het maken van een YouTube video of een blog wel wat tijd in beslag kan nemen. Een beloning in de vorm van het mogen houden van een product is echter zeker niet ongebruikelijk als tegenprestatie.

Inkomen in natura

Vervolgens kan worden afgevraagd of de producten die de influencer mag houden kunnen worden gezien als inkomsten in natura. Inkomsten in natura kunnen worden vastgesteld op de hoogte van het daarvoor door belanghebbende opgeofferde bedrag. Het bedrag dat iemand dus heeft opgeofferd om de goederen te ontvangen. De vraag is of in deze situatie wel een opgeofferd bedrag kan worden vastgesteld. Bepalend daarvoor is of de influencer ook geld had kunnen krijgen in plaats van de producten. Dat zal zeker niet altijd het geval zijn. Had deze persoon geld kunnen krijgen als beloning, dan wordt het inkomen in natura gesteld op het bedrag dat hij had kunnen krijgen. Is er geen opgeofferd bedrag, dan is de waarde van de inkomsten in natura nul.

Bijstand afstemmen in verband met minder behoefte

Kan de bijstand lager worden vastgesteld omdat de influencer minder bijstand nodig heeft vanwege de producten die hij ontvangt? Dit zou in theorie kunnen als dit leidt tot lagere algemene kosten van het bestaan. Dit kan echter alleen in zeer bijzondere situaties en dat lijkt me bij de beloning van de influencer eigenlijk nooit het geval. Het incidenteel ontvangen van een jeans of een fles badschuim maakt niet dat de kosten van het bestaan daarmee structureel minder zijn.

Wat kan dan wel

Conclusie is dat de werkzaamheden als influencer vrijwel nooit op de bijstand kunnen worden gekort, tenzij belanghebbende ook een geldelijke beloning had kunnen bedingen. Op zich is die conclusie niet erg als het gaat om het incidenteel ontvangen van producten die niet een grote waarde vertegenwoordigen. Dit zou wel kunnen klemmen als er sprake is van hoge beloning. Stel dat een influencer als beloning een dure pistonmachine mag houden. Als het niet als inkomen in natura in aanmerking kan worden aangenomen, zou men kunnen denken om de machine als gift in aanmerking te nemen. Maar ik betwijfel of dat de juridische toets der kritiek doorstaat. De gift blijft immers inkomen in natura: de influencer verricht werkzaamheden en krijgt daarvoor een product. Er is wel degelijk sprake van een directe tegenprestatie en dat is bij een gift doorgaans niet het geval. Probleem blijft bovendien dat het hoe dan ook inkomen in natura is. En daarvoor geldt dat slechts het opgeofferde bedrag, ook al is dat nul, in aanmerking wordt genomen. Verzachtend is dat het voorbeeld met de pistonmachine in de bijstand wellicht slechts een theoretische gedachtegang is.