De personeelstekorten in de kinderopvang blijven de komende jaren oplopen, ondanks maatregelen om meer mensen in deze sector aan het werk te krijgen. Dat concluderen Ipsos en SEO Economisch Onderzoek in een rapport dat minister Thierry Aartsen (Werk en Participatie) aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De kinderopvang kampt sinds 2020 met een personeelstekort. Om dat op te lossen hebben de branche en het ministerie van Sociale Zaken destijds een maatregelenpakket opgesteld om meer personeel te werven, te behouden en meer uren te laten werken. Ook is gewerkt aan een efficiëntere inzet van het bestaande personeel.

Of dat beleid gewerkt heeft, is nog maar de vraag. Aartsen spreekt van “positieve ontwikkelingen” en wijst dan met name op het gestegen aantal medewerkers. Het tekort is in 2025 “gestabiliseerd” op circa 7000 medewerkers. Ook zijn de wachttijden afgenomen. Maar in het rapport schrijven de onderzoekers dat dit niet zonder meer is toe te schrijven aan de getroffen maatregelen.

Het kabinet wil de kinderopvang vanaf 2029 voor alle werkende ouders bijna gratis maken. Dat plan moet een einde maken aan de inkomensafhankelijke kinderopvangtoeslag, maar leidt ook tot een nog sterkere vraag. De stelselwijziging is al twee keer met twee jaar uitgesteld, onder meer om te voorkomen dat de wachttijden nog verder zouden oplopen.

Het rapport laat zien dat het personeelstekort ook zonder de invoering van bijna gratis kinderopvang al oploopt naar een kleine 20.000 medewerkers in 2031. Inclusief deze stelselherziening worden dat er naar verwachting ruim 24.000. “Er is dus reden genoeg om de doeltreffendheid van het beleid te onderzoeken en het beleid waar nodig samen met de sector bij te sturen”, schrijft Aartsen.