EU-lidstaten lopen achter met belangrijke voorbereidingen die nodig zijn voor het Europese Asiel- en Migratiepact, constateert de Europese Commissie. Daarin staan onder meer strengere regels voor het screenen en beoordelen van asielaanvragen. Ruim een maand voor de invoering ervan ontbreekt het in veel EU-lidstaten onder meer aan faciliteiten waar de eerste screening van asielzoekers moet plaatsvinden, meldt de Commissie vrijdag in een rapport.

Elf van de 27 lidstaten hebben bijvoorbeeld nog geen opvangfaciliteiten en nog onvoldoende personeel voor grenscontroleprocedures, zo staat in het rapport. Het pact, dat in mei 2024 is aangenomen, treedt op 12 juni in werking. Vanaf dat moment wordt aan de grens beoordeeld of een asielzoeker wel, geen of nauwelijks kans maakt op asiel.

Duitsland, Hongarije, Griekenland, Italië, Spanje, Polen, Bulgarije en Letland worden door de Commissie gemaand “onmiddellijk actie te ondernemen” om op tijd klaar te zijn voor de screening van asielzoekers en de grenscontroles.

Ook de centrale biometrische database is nog niet in alle EU-lidstaten klaar voor gebruik, waaronder Nederland. Daarin moeten alle aanvragen van alle EU-lidstaten van asielzoekers worden opgeslagen, alsook informatie over af- en toewijzingen. Tevens zijn er onvoldoende maatregelen om te voorkomen dat asielzoekers na aankomst in een EU-land toch naar een ander EU-land doorreizen.

Alle lidstaten worden door de Commissie opgeroepen “hun inspanningen voor een tijdige uitvoering van het Pact verder op te voeren”.