Transitiecommissie: Wijkteams benutten beleidsvrijheid onvoldoende

Transitiecommissie: Wijkteams benutten beleidsvrijheid onvoldoende

Nieuws
16 september 2015

Sociale wijkteams worstelen met de beleidsvrijheid versus wet- en regelgeving. Uit angst om door inspectie of de accountant op de vingers te worden getikt, durven teams vaak niet te improviseren en leggen zichzelf meer beperkingen op dan nodig.

‘Dat zou niet moeten’, stelt de Transitiecommissie Sociaal Domein (TSD) in haar derde voortgangsrapportage. ‘De transformatie is juist een uitnodiging voor de professional om meer in de eigen invloedssfeer te trekken. Het gaat er niet om te doen wat mogelijk is, maar om mogelijk te maken wat nodig is.’

Oplossingen

‘Bij de teams is onduidelijkheid of onbekendheid over waar oplossingen binnen de eigen invloedsfeer liggen en wat als gegeven uit wet- en regelgeving beschouwd moet worden’, aldus de TSD in haar rapportage. Dat geldt onder meer rondom privacy en bij de inzet van bijzondere bijstand en schuldhulpverlening. De teams ‘ervaren regels of ‘waarheden’, die in werkelijkheid lang niet altijd die hardheid hebben’, zo is de TSD duidelijk geworden.

Meer ruimte

Wethouders, het management en raadsleden moeten wijkteams meer ruimte bieden en hen vertrouwen geven. ‘De boodschap van ruimte en maatwerk moet herhaald worden, om de werkende principes van sociale wijkteams de kans te geven’, bepleit de TSD. Sociale wijkteams hebben baat bij steun van bestuur en politiek: die moeten belemmeringen in lokale regelgeving, beleid en administratie wegnemen.

Privacy

Er moeten betere afspraken komen over de uitwisseling en borging van privacygevoelige cliëntgegevens, benadrukt de TSD. Niet in de laatste plaats omdat onduidelijk is wat kan en mag. Dit blokkeert de samenwerking tussen gemeenten en zorgaanbieders. ‘De balans tussen zorgplicht en privacy is niet helder en wordt af en toe oneigenlijk gebruikt in de soms moeizame relatie tussen gemeenten en zorgaanbieders.’

Ambtseed

Gegevens moeten en zullen in het belang van de cliënt worden uitgewisseld. ‘Iedereen is daarbij gehouden aan professionele standaarden, ook de gemeenteambtenaar door het afleggen van de ambtseed.’ De borging van privacygevoelige informatie in de administratieve systemen van de verschillende betrokken organisaties is wel een punt van zorg. Duidelijke afspraken tussen organisaties zijn onontbeerlijk, maar ontbreken nu nog wel eens.

Verschillende richtlijnen

De verschillende uitwerkingen van het juridisch kader binnen de Wmo2015, de Jeugdwet en de Participatiewet maken het er de dagelijkse praktijk van een sociaal wijkteam niet makkelijker op, constateert de TSD. ‘Om in een casus te moeten werken met verschillende richtlijnen rond privacy kan nadelig werken voor maatwerk en de integraliteit van zorg en ondersteuning.’

Stroeve relatie

Zorgen maakt de TSD zich over de stroeve relatie tussen gemeenten en ggz-instellingen. Beide partijen maken elkaar onderling verwijten, die samenwerking in de weg staan. Zo twijfelen gemeenten of de sector wel bereid is om te vernieuwen, terwijl de instellingen gemeenten verwijten gebrek aan kennis te hebben. ‘Minder machtstaal en meer samenwerking zijn nodig om het onderlinge wantrouwen in de jeugdhulp te doorbreken en tot innovatie te komen’, vindt de TSD. De zorginstellingen moeten de nieuwe rol van gemeenten, als opdrachtgever, aanvaarden. Daarnaast moet er een herdefiniëring komen van de professionele autonomie van de zorgverlener.

Bron: Binnenlands Bestuur

Reageren